Een gestructureerde vergelijking tussen MBO-laboratoriumlokalen en HBO-practicumlokalen op basis van capaciteit per student, werkbladmateriaal, nutsvoorzieningen en veiligheidszones. Bedoeld voor facilitair managers en architecten die renovatieprojecten voorbereiden met een levensduur van 15 tot 20 jaar.
Een MBO-laboratoriumlokaal en een HBO-practicumlokaal lijken oppervlakkig op elkaar, maar verschillen wezenlijk in capaciteit, materiaalkeuze en veiligheidsinfrastructuur. Voor facilitair managers en architecten die renovatieprojecten voorbereiden, bepalen deze verschillen de bouwkosten, de levensduur en de bruikbaarheid voor lange tijd.
Capaciteit en materiaalkeuze
MBO-laboratoria worden ingericht op een beperkter oppervlak per student met laminaat of solid surface werkbladen. HBO-practicumlokalen vereisen meer ruimte per student, vaker epoxyhars werkbladen, uitgebreidere zuurkastcapaciteit en zwaardere ventilatie. Beide volgen de normen NEN, NPR en de bijbehorende richtlijnen. Capaciteit per student vormt het fundament van elk indelingsadvies.
Levensduur per materiaal
Werkbladmateriaal bepaalt de levensduur: laminaat gaat het kortst mee, solid surface langer en epoxyhars het langst.
Veiligheid en ventilatie
Veiligheidszones omvatten vluchtroutes, oogdouches en nooddouches. Ventilatie vraagt een hogere luchtwisseling naarmate het onderwijsniveau en de chemische belasting toenemen, met de laagste eisen in VO en MBO en hogere eisen in HBO en universitair.
Renovatie
Renovatiekosten in het HBO liggen hoger door de zwaardere infrastructuur. S+B kan een inventarisatie ter plaatse of materiaaladvies verzorgen.
